zaterdag 31 mei 2014

Heer, leer ons LEVEN

Vanaf het allereerste begin -onze stamvader en -moeder- hebben wij mensen gedaan wat niet goed was, tegenover elkaar en tegenover de schepping. We sloegen Gods geboden in de wind met verschrikkelijke gevolgen voor onszelf, onze medemensen en de wereld.

Het evangelie gaat niet zozeer om de vraag  "Hoe kan ik sterven, en: waar ga ik dan heen?" als wel "Hoe kan ik LEVEN?" Het evangelie heeft zeker belangrijke dingen te zeggen over een goede dood, maar eerst en vooral over een goed leven.
Jezus verkondigde het evangelie van het koninkrijk. In zijn wereld betekende dat: het goede nieuws dat God ingrijpt. En dat betekende: bevrijding, genezing, herstel, recht - in twee woorden: blijdschap en vrede.

Dat betekende niet zozeer "Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw"- alsof het koninkrijk alleen maar het duizendjarig rijk of het hiernamaals is. Als Jezus tegen ons zegt: "Zoek eerst z/mijn koninkrijk en z/mijn gerechtigheid", heeft hij het niet (met een treffend woord van Dallas Willard) over "sin management" op de drempel van de eeuwigheid. Z/mijn koninkrijk zoeken betekent: in het hier en nu leven naar Gods geboden, met zijn beloften en uit zijn kracht. Nu al een nieuwe schepping zijn in de zekerheid dat straks inderdaad alles nieuw wordt. En z/mijn gerechtigheid (het OT tsedakah) heeft veel meer te maken met liefdevolle goedheid (een tsaddiek is een "goed mens") dan met de weegschaal van vrouwe Justitia. Ten onrechte is het evangelie vaak versmald tot louter toegerekende gerechtigheid, en bleef "de vrucht waaraan je boom kent" buiten beschouwing. Symptomatisch daarvoor is Luthers ongemak met de uiterst praktische brief van Jakobus die zo'n sterke echo van de Bergrede is.

Die versmalde evangelie uitleg botst donderend op Jezus' grote gebod en de directe parallel daaraan in Mattheus 25: "Wat je aan de minste van mijn broeders (niet) hebt gedaan, dat heb je (niet) aan Mij gedaan." Jezus leerde zijn discipelen geen dogmatiek maar LEVENslessen die de wereld op zijn kop zetten.

zaterdag 10 mei 2014

Zoeken naar God

Jesaja 40-48 spreekt veel over de dwaasheid van zelfgemaakte afgoden. Uit dezelfde eik maak je brandhout en een beeld. Dat moet je dan ook nog vastspijkeren, want anders valt het om. En als er vijanden komen, moet je je god op een lastdier laden en in veiligheid brengen. Mensen die hun goden redden. De dwaasheid ten top. Jesaja's woorden druipen van bijtend sarcasme.
Dallas Willard schrijft in Renovation of the Heart terecht dat wij van onszelf een afgod gemaakt hebben - ons "recht", onze behoeften en begeerten zijn de hoogste maatstaf geworden. Wij zijn ons eigen gouden kalf geworden. Daar staat de zelfverloochening van Christus radicaal tegenover: "Wie zijn kruis niet opneemt, kan mijn discipel niet zijn". Maar dat is geen somber soort zelfverloochening die aanvoelt als zelfkastijding, pijniging of offer. Het is niet het boeddhistisch uitdoven van alle verlangen. Het betekent dat je zó vol bent van het goede en eeuwige van God, dat je graag opgeeft wat je daarbij hindert (Hebr 12:1-2). "Zoek de dingen die boven zijn, niet die op aarde zijn" (Col 3:1v). "Als je oog helder [scherp op één doel gericht] is, zal heel je lichaam verlicht zijn" (Matt 6:22) Zelfverloochening is een zwaar offer als je in wezen nog steeds de waarden van de wereld deelt. Voor wie God kent krijgt alles een ander gewicht."Het is geen dwaas die opgeeft wat hij niet houden kan om te winnen wat hij niet verliezen kan". [Willard citeert ook een oude Methodist: A dancing foot and a praying knee don't grow on the same leg. En dat weet ik nou weer zo net niet. Er is voor alles een tijd onder de hemel, ook voor eten, drinken en vrolijk zijn.]
Ja, zegt Jesaja, U bent een God die zich verborgen houdt. Van Hem geen stenen of houten beelden. Wij zouden alleen maar een god naar ons beeld en onze gelijkenis maken, en daarmee zou alle heiligheid en hoop vervliegen. Maar God spreekt: "Ik heb tot het nakroost van Jakob niet gezegd: zoekt Mij tevergeefs" (Jes 45:19). Het kan tijden lang zo aanvoelen, maar uiteindelijk zal ons zoeken niet tevergeefs zijn. "Wie zoekt zal vinden", is Jezus' belofte. Soms vangt een mens even een glimp op van Gods onverhulde heerlijkheid, zoals Mozes in die rotsspleet op de Sinaï. Op andere momenten ontmoette hij de Eeuwige "van aangezicht tot aangezicht" in de tent buiten het kamp. En als Mozes dan weer -stralend en wel- terug ging naar zijn zware leiderstaken, was de jonge Jozua niet uit die tent weg te slaan. Wat hij aan Mozes zag, dat wilde hij ook.
Zulke mensen die met God wandelden heb ik ook gekend. En door Gods genade wil ik zelf ook zo iemand zijn.

donderdag 1 mei 2014

Wortelen om vrucht te dragen





Het goede nieuws van het koninkrijk omvat de hele schepping en het hele leven. Als christen kan en mag je niet tevreden zijn met "geloven achter de voordeur". Ons geloof is per definitie een publiek geloof. Zoals Paulus het zegt: "De liefde van Christus dringt  ons" om als ambassadeurs van de Koning zijn aanbod van vrede, bevrijding en heling te verkondigen. Jezus Messias is de goede herder (een oudtestamentisch beeld van een koning, zoals God de herder van Israël was en is). Hij belooft ons leven en overvloed (Johannes 10:10) - en dat is voor mij werkelijkheid geworden, ook op de diepste punten in mijn  leven. Zijn genade en vrede gun ik alle worstelende mensen om me heen.

De donkere kant van het evangelie is dat aan het einde van de tijd de Koning recht zal spreken. Wie Hem in deze wereld heeft afgewezen, wordt zelf afgewezen in de nieuwe wereld die komt. Ik denk dat zo iemand daar zelf ook niet zou willen wezen - in een wereld waar God alles is en in allen. C.S. Lewis schreef al dat de deurknop van de hel alleen aan de binnenkant zit. De ongelovige mens trekt zelf de deur achter zich dicht.Veertig jaar geleden was ik daar zelf ook mee bezig. Ik had God -of beter gezegd: de kerk- bij het grofvuil gezet. Maar ik ontdekte van weeromstuit een gat in mijn ziel dat zich niet liet vullen door boeddhisme (hoe aantrekkelijk ik Zen ook vond), door vurig beleden en gepraktiseerde makrobiotiek of door mystieke religiositeit.

Ik ben nog steeds dankbaar voor de liefde van en voor mijn grootouders, hun gebed, en het getuigenis van kersverse christenen, mijn vrienden. Door hen ontdekte ik dat de honger van mijn hart alleen gestild kon worden door een ontmoeting met de levende God. "Doe je mond wijd open en Ik zal hem vullen", zegt Psalm 81. Customers are our God, stond er op een Chinees hotel waar ik logeerde. Money, money, money makes the world go round, zong Liza Minelli eertijds in de film Cabaret. Wat een armzalige wereld, een hap uit een suikerspin, "najagen van wind" (Prediker). Niet godsdienst maar geld is de opium van het volk. Hoeveel rijker is een leven van geloof, vrede en gerechtigheid!

Een beetje gelijk had Marx wel: geloof in God is verslavend. Hoe meer ik Hem leer kennen, hoe meer ik verlang om Hem beter te kennen en nog veel meer op Hem te gaan lijken. Alleen dan kan ik mijn zelfzucht en gemakzucht overwinnen om erop uit gaan en met Jezus mensen te ontmoeten. God is liefdevol en heilig. Hij wil dat zijn volk Hem kent en zijn karakter ademt. Jezus riep zijn eerste discipelen ook om eerst bij Hem te zijn en dan erop uit gestuurd te worden met zijn boodschap (Marcus 3:13-15). Eerst wortelen, dan vrucht dragen. Eerst de liefde leren kennen, dan liefde geven.
Zo heb ik de laatste maanden meermalen gebedswandelingen gemaakt. Niet om straathoeken te zalven, maar om met open ogen te bidden: "Heer, waar en hoe kan ik hier in de stad uw koninkrijk en uw gerechtigheid zoeken? Laat mij de mensen zien met Uw ogen!" Binnenkamer en buitenwereld worden communicerende vaten. Het evangelie van Jezus omvat alles.

woensdag 23 april 2014

Een nieuwe lente

Er is weer een fors gat gevallen in mijn blog. Na Suriname was ik moe en ziek. Bleek mijn bloeddruk gigantisch hoog te zijn. Ook bleek mijn rouw een zware wissel te trekken. Dat is nog zo, maar ik probeer weer de weg vooruit te vinden. Please PUSH.
De afgelopen maanden heeft discipelschap me intensief bezig gehouden. Het werd me duidelijk (duh, hoor ik iemand roepen) dat discipelschap niet los kan staan van daadwerkelijk delen in Gods Grote Opdracht (de Missio Dei) en dan ook leidt tot echte communitas (Alan Hirsch). Precies mijn eigen ervaring in de eerste jaren van de Vink!
Discipelen zijn boodschappers van de Koning en brengen het goede nieuws van het Koninkrijk. Discipelschap is misschien wel een eeuw lang teveel "binnenskamers" geweest. De nadruk lag wel erg veel op persoonlijke geestelijke groei. Nu is er het besef dat het het hele leven in de wereld omvat, en ware liefde voor die wereld moet uitademen. Dat kan dan weer alleen als we de binnenkamer herontdekken - want die zijn wij op onze beurt weer behoorlijk kwijtgeraakt. Je kunt behoorlijk bezig zijn met missiologie, gemeenteopbouw en allerlei modellen van discipelschap, dat je die stille stem voorbij rent: De HERE Here heeft mij als een leerling leren luisteren om met het woord de vermoeide te kunnen ondersteunen. Hij wekt elke morgen, Hij wekt mij het oor opdat ik zou luisteren als een leerling (Jes 50:4). Je kunt zo druk praten over de noodzaak van dat luisteren, dat je het zelf niet meer praktizeert. Silence & solitude, de oude deugdzame discipline van stille tijd en gebed, overpeinzing en aanbidding. Zomaar stil zijn bij God, tot rust en op adem komen bij De Bron van het leven.
1 Johannes 2 zegt: "Wie zegt dat hij in Hem blijft, moet ook zelf zo wandelen als Hij gewandeld heeft". Achter dat in Hem blijven zit het beeld van de wijnstok en de rank. Daar zit het intense streven naar levensheiliging achter, het "gekruisigd leven"- het zoeken van de dingen die boven zijn, niet die op aarde zijn (Col 3:1-4). "Wandelen" betekent ook een vertraging van levenstempo, de tijd nemen om naar God te luisteren en zijn woorden af te laten dalen naar de uithoeken van je hart.
"Wandelen zoals Hij gewandeld heeft" is een ingrijpende en alles omvattende toets, want Jezus zelf - bijvoorbeeld in de Bergrede - wees steeds weer voorbij het uiterlijke gebod op het hart en leefde in intimiteit met de Vader. Wie net zo diep wortelt als Hij, zal ook net als Hij vrucht dragen en een zegen zijn voor de wereld.

woensdag 28 augustus 2013

Kairos in Paramaribo


Wat doe ik met de ervaring van de armoede hier en het besef dat een klein deel van "mijn" bezit hier een groot verschil kan maken? Het hakt erin en Gods Geest spreekt me erop aan. Kairos: this is the moment. Maar kijken, denken en met jullie delen is nog maar een halve leercirkel. Nu komt het aan op de tweede helft: plannen, rekenschap geven en doen.

dinsdag 27 augustus 2013

Johannes de Heer in de dessa

We zijn alweer acht dagen in Paramaribo en vandaag kom ik voor het eerst aan mijn blog toe. Ons programma hier is behoorlijk intens. En dan te bedenken dat Ric Chen, de voorganger van de Rank, bij ons laatste Skype gesprek voor vertrek zei: "Ach, jullie hebben overdag alle tijd .." We zijn elke avond in de weer met een cursus, workshop, seminar of huisbezoeken. En overdag bereiden we alles voor. We hebben allerlei materiaal en ideeën meegenomen, maar kunnen pas hier bepalen wat de gemeenten en de verschillende groepen het hardst nodig hebben. En dan maken me ons programma op maat. Dat kost aardig wat tijd en energie bij de Surinaamse temperaturen, dus we hebben ons ook weer de kunst van de power nap eigen gemaakt. Tukkie doen en gaan met die banaan!
Inmiddels hebben we drie Marriage Course sessies gedaan in Lelydorp en de Rank, twee discipelschaps-trainingen, een kinderwerk-, vrouwen- en een young business men avond, en zijn we overdag begonnen met huisbezoeken en bezoeken op werkplekken. En tussendoor sluiten we de zaken kort met de voorgangers om hen op de hoogte te houden van onze bevindingen en alvast een enkele aanbeveling.

Afgelopen zondag hebben we ons team opgesplitst. Sandra en Jimmy hebben een kinderevent geleid met dertig kinderen in de Rank, tot groot enthousiasme van de kinderen en hun moeders. Wim heeft daar gepreekt, Emile in   de Javaanse gemeente van Lelydorp en ik in die van Kwarasan. Het was een bijzondere ervaring om God te aanbidden met zo'n veertig broeders en zusters in een Javaanse dessa tussen de palmen en bananenbomen. Het kerkgebouw doet voor onze begrippen denken aan een kale landbouwschuur, maar het is al wat verder aangekleed dan twee jaar geleden. De band en de vocals speelden en zongen de sterren van de hemel in een mix van rock, gamelan, reggae en caribbean. Ineens ontdek je dan onder de Javaanse woorden en klanken een bekende melodie: joh, ze zingen "Ik wandel in het licht met Jezus", maar zelden heeft Johannes de Heer zo geswingd!

Het programma is vermoeiend,  maar het is ook meer dan hartverwarmend om met deze mensen op te trekken. Ze moeten keihard werken, vaak in meer dan één baan, om de eindjes aan elkaar te knopen. Je hoort ook verdrietige verhalen over gebroken gezinnen en slechte huwelijken. De voorgangers zijn part timers (en soms zelfs dat niet) die zich inspannen om te evangeliseren en de gemeente op te bouwen. Maar veel leden werken te hard om veel in de kerk te (willen) doen. En het komt nog al eens voor dat veelbelovende jonge mensen vertrekken naar Nederland of een andere buitenland - of naar het binnenland om hun geluk te beproeven als goudzoekers.
Je schaamt je soms voor je welvaart, en de vraag dringt zich steeds aan me op hoe ik mijn relatieve rijkdom als een goede rentmeester kan gebruiken in Gods Koninkrijk. Met weinig geld kun je hier al een groot verschil maken. Daar moet ik verder met Hem over praten.

zaterdag 17 augustus 2013

Ready for take off?

De vakantie zit er nu echt helemaal op. Dus heb ik gisteravond plechtig afscheid genomen van mijn vakantie-baard. De meningen daarover zijn verdeeld: sommige gemeenteleden vonden me net een rabbijn, dochter Liesbeth dacht meer aan kabouter Plop. 
De afgelopen week ben ik al redelijk druk geweest met de laatste voorbereidingen van de zendingsreis naar Suriname. Gisteren een hele checklist afgewerkt, vandaag het restje. Morgenochtend vliegen we, vanmorgen wordt in de dienst voor ons gebeden, vanmiddag  pak ik.


In en bij Paramaribo hopen we twee weken intensief samen te werken met 3-4 lokale Chinese, Javaanse en multi-etnische CAMA gemeenten. Enkele van hun werkers zullen die weken bij ons wonen en met ons optrekken. Ze hebben ons gevraagd hen te helpen in kader- en preektraining, discipelschap, het opzetten van vrouwenpastoraat, en kinderwerk(training). Daarbij zullen we ook mensen thuis en op hun werk bezoeken om te evangeliseren, te counselen en een klein stukje mentoring te bieden aan jonge leidersechtparen. Drie van ons (Emile, Wim Evers en ikzelf) zullen ook op twee opeenvolgende zondagen preken in drie verschillende kerken. Daarnaast geven we ook op twee plaatsen delen van de Marriage Course en geef ik het seminar Het Oude Testament in Vogelvlucht en train ik twee lokale leiders om het zelf verder te gaan geven in Suriname. Het klinkt naar veel en dat is het ook. Onze ervaring is ook dat er ter plekke plotseling nog een heleboel bij kan komen. 

We komen met zijn negenen (twee zijn al in Suriname) voor het eerst in deze samenstelling bij elkaar uit hele verschillende achtergronden en met verschillende ervaring en verwachtingen. Bid daarom voor flexibiliteit, Gods vrede in onze harten en in ons team. In deze blog probeer ik -voorzover ons drukke schema het toelaat- jullie geregeld op de hoogte houden van onze ervaringen. Jullie gebed is onze “luchtdekking”! 

De laatste dagen kwam ook hier in Nederland uit sommige gemeenten veel zorg en pijn op me af. Samen met onze eigen gevoelens dringt me dat steeds opnieuw en steeds sterker om Gods almacht en Vaderliefde voor ogen te houden. "Wees in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God. En de vrede Gods die alle verstand te boven gaat, zal uw hart en uw gedachten behoeden in Christus Jezus" (Fil 4:6-7). Veertig jaar geleden heb ik deze verzen uit mijn hoofd geleerd, ik moet ze me duizenden keren voorgehouden hebben (ik ben nou eenmaal een stresskip van mezelf), maar het blijft een geestelijke discipline om mijn hart en gedachten op de Vader te richten. Om niet te verzuipen in mijn zorgen, maar net als Ezechiel (48) te zwemmen in de genade van God.